Trams in Groningen
Tekst- en Beeldbron: NVBS Wisselexpositie (Nico Booij), RTV Noord & Wikipedia
Geschiedenis
De Paardentram (1880 - 1910)
De geschiedenis van de tram in de stad Groningen begon in 1880, toen de eerste paardentramlijnen werden geopend door een particulier Belgisch bedrijf. Dit netwerk werd op 1 maart 1906 overgenomen door de gemeente, waarna de Gemeentetram Groningen (GTG) werd opgericht. De gemeente besloot direct om het verouderde paardentramnet te moderniseren en te elektrificeren.
De Elektrische Stadstram (1910 - 1949)
In 1910 startte de elektrische dienst op meterspoor (1000 mm). Het centrale knooppunt van het trambedrijf was de **Grote Markt**. Op het hoogtepunt in 1925 exploiteerde de GTG op vijf elektrische tramlijnen:
• Lijn 1: Van station Groningen-Noord naar de Heereweg via de Grote Markt (Rode lijn).
• Lijn 2: Kraneweg – Grote Markt – Oosterpoort / Vischmarkt (Oranje lijn).
• Lijn 3: Hoofdstation – Grote Markt – Sint Jansstraat (Groene lijn).
• Lijn 4: Grote Markt – Meeuwerderweg (Donkergroene lijn).
• Lijn 5: Hoofdstation – Grote Markt – Haren – De Punt (Blauwe lijn).
Groningen koos al vroeg voor vernieuwing: lijn 2 werd in 1927 als een van de eerste tramlijnen in Nederland opgeheven en vervangen door een trolleybus op het traject Kraneweg-Meeuwerderweg. De rest van het stadsnet bleef tijdens de Tweede Wereldoorlog intensief in gebruik wegens brandstofschaarschte. Na de oorlog was het netwerk versleten. Op **13 december 1949** reden de laatste stadstrams, waarna de trolleybus (tot 1965) en dieselbus het vervoer volledig overnamen.
De Interlokale Lijn 5 naar De Punt
De Groningse tram had een schitterende uitloper naar het zuiden: lijn 5 naar Haren, met het eindpunt bij De Punt. Lijn 5 volgde nagenoeg dezelfde route als de vroegere paardentram van de TMZG, maar begon in tegenstelling tot zijn voorganger direct bij het hoofdstation. Reizigers worden onderweg door middel van karakteristieke waarschuwingsborden langs de route herinnerd aan het feit dat men "rechts moest houden".
De Groningse Kolentram (1916 - 1960)
Een zeer uniek onderdeel van het Groningse trambedrijf was de **Kolentram**. Vanaf 1916 exploiteerde de gemeente een speciale goederenlijn vanaf het Noorderstation rechtstreeks naar de Gemeentelijke Gasfabriek aan de Kolendrift. Met speciaal door Allan Rotterdam gebouwd materieel werd hier dagelijks steenkool vervoerd. Deze tram overleefde de opheffing van het personenvervoer met maar liefst elf jaar en bleef trouw zijn ritjes rijden tot **1960**.
Materieel
Het materieel van de Groningse stadstrams was oorspronkelijk donkergroen van kleur (de MAN-wagens). Met de opening van de buitenlijn naar Haren in 1921 introduceerde men grotere, uiterst comfortabele crème-bruine trams gebouwd door HAWA, welke sterk leken op de Haagse trams van die tijd.
| Serie / Nummers | Type wagen | Bouwjaar | Fabrikant | Bijzonderheden / Inzet |
|---|---|---|---|---|
| Serie 1-16, 26-29 | 2-assige Motorwagens | 1909 | MAN (Neurenberg) | Donkergroene stadsbussen, de basis van het tramnet. |
| Serie 17-20 | Gesloten Bijwagens | 1909 | MAN (Neurenberg) | Geheel bijpassend bij de eerste serie motorwagens. |
| Serie 31-35 | 2-assige Motorwagens | 1915 | MAN (Neurenberg) | Iets grotere uitvoering voor de stadslijnen. |
| Serie 36-42 | 2-assige Motorwagens | 1921 | HAWA (Hannover) | Crème-bruin, aangeschaft voor de buitenlijn naar Haren. |
| Serie 43-48 | Gesloten Bijwagens | 1921 | HAWA (Hannover) | HAWA-bijwagens, reden veelal op marktdagen. |
| Kolentram (3 stuks) | Goederenmotorwagens | 1916 | Allan (Rotterdam) | Speciale werkwagens voor het kolenvervoer naar de gasfabriek. |
De beruchte HAWA-sloop: Bij de opheffing van de tramlijn naar Haren in 1939 besloot de GTG om de relatief moderne, pas 18 jaar oude HAWA-trams voor een schijntje (100 gulden per stuk) te laten slopen. Toen een jaar later de oorlog uitbrak en er benzineschaarschte ontstaan was, had men dit moderne materieel achteraf nog dolgraag willen gebruiken op het stadsnet.
Wedergeboorte van de Groningse Tram 41
Hoewel de overige Groningse trams na de opheffing in 1949 grotendeels als noodwoning zijn geëindigd en in 1954 definitief zijn gesloopt, is er één uniek exemplaar bewaard gebleven: de Groningse **HAWA-motorwagen 41** (uit de serie 36-42).
De tram heeft een indrukwekkend restauratie- en revisietraject van maar liefst **dertien jaar** achter de rug. Een heel bijzonder detail is dat de wagen tijdens deze herstelperiode tijdelijk is overgebracht naar het **Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem** voor een ingrijpende revisie in de museumremise, alvorens hij definitief in dienst werd gesteld bij de **Electrische Museumtramlijn Amsterdam (EMA)**. Dankzij deze samenwerking blinkt de crème-bruine tram weer als nieuw en rijdt hij weer historische ritten op meterspoor. Bij de ceremoniële opening in Amsterdam mocht de Groningse trambestuurder Gerard de tram na al die decennia eigenhandig besturen!